‘Waarom vinden Nederlandse vrouwen oud zijn erg?’ vraagt één van mijn cursisten tijdens de pauze.
Mijn collegaatje, met wie ik in gesprek ben over het behalen van de leeftijd van 50 jaar, en ik kijken elkaar aan.
‘Ja. Waarom vinden we dat eigenlijk erg?’
We weten allebei het antwoord niet.
‘Omdat onze jeugd voorbij is misschien?’ zegt zij, met haar – net cadeau gekregen – jeugdige haarband op haar hoofd. ‘Al voel ik me vaak nog steeds een puber hoor.’
Voor mij geldt precies hetzelfde, er zijn veel dagen dat ik me meer een puber dan een vijftiger voel en me daar volgens mijn kinderen ook naar gedraag.
Na een kort gesprekje zijn we het erover eens dat we ons eigenlijk niet anders voelen dan 30 jaar geleden, dat we misschien iets meer onszelf zijn en ons minder aantrekken van wat een ander van ons vindt, maar dat we eigenlijk ook nog net zo onzeker zijn als toen.
‘In mijn land oude mensen zijn belangrijk. Oude mensen weten over het leven. Wij hebben respect voor oude mensen,’ zegt mijn cursist even later in de klas.
‘Oud worden is niet erg. Oud worden is goed!’
Ik word binnenkort 50.
Ik voel me vaak een puber en soms heel oud.
Ik weet beter wie ik ben, maar kan ook soms ineens nog net zo onzeker zijn als toen ik 16 was.
Mijn geboortedatum verraadt dat ik binnenkort 50 word. Die steeds iets grijzer wordende haren en een aantal rimpels ook.
Ik heb daar best een beetje moeite mee.
Maar mijn cursist heeft gelijk, ik weet veel meer over het leven dan 30 jaar geleden. Ik weet wat ik belangrijk vind en wat absoluut niet. Ik doe de dingen die ik leuk vind en waar ik gelukkig van word, heb mensen om me heen die me energie geven en mijn keuzes worden steeds bewuster.
Ik voel me een rijk mens.
Ik word binnenkort 50.
En ik heb besloten niet meer te zeggen dat ik 50 jaar oud word.
Binnenkort word ik 50 jaar rijk!
