( op z’n ) hondjes.

Dobby

We hebben twee honden. De eerste is Deez.
Deez is een Kokoni, we hebben haar vijf jaar geleden uit Griekenland ‘geadopteerd.’ Deez is zo’n hondje dat er schattig uitziet, maar de vrees is voor buren en postbodes. Ze maakt niet bepaald vrienden als ze weer uit de tuin ontsnapt en ik haar een paar straten verderop hoor kijven. Toen onze postbode, met de zweetdruppels op het voorhoofd en paniek in de ogen, in een recordtempo de brieven van grote afstand in de bus begon te gooien, besloten we dat het tijd werd voor een hek. Dat scheelt.
We krijgen weer post en de buurt praat weer met ons.

Een jaar geleden kwam Dobby ons gezin versterken.
Dobby is een Engelse Cocker Spaniël, woonde bij vrienden van ons waar het niet goed ging met hun andere hond. Dobby zat al in ons hart, dus mocht ook best in ons huis. Hij is het type ‘dom hondje’: vindt alles leuk, trapt overal in, vindt iedereen aardig. Als Deez blaft, blaft hij gezellig dommig mee.
’s Avonds ligt hij niet áán mijn voeten, maar hij draait net zo lang met zijn kont tot hij óp mijn voeten zit. Wie wil er op een koude vloer als er warme voeten zijn? Als hij de kans krijgt kruipt hij ’s nachts in een bed, waar hij zichzelf altijd verraadt door keihard te gaan liggen snurken. Omdat Dobby al vroeg gecastreerd is, heeft hij weinig mannelijks meer over en zien we hem vooral als schattig en een beetje dommig.
Hij piest als een vrouwtje, blaft als een teef en wordt niet warm of koud van het vrouwelijk schoon.

Dachten we….

Deez is loops. Steriliseren staat op de planning, maar is er nog niet van gekomen. Ze is nog feller dan anders en ik ben extra blij voor de postbode dat het hek er staat. Wie vindt dat een vrouw in die periode onuitstaanbaar is, heeft nog nooit een loopse hond meegemaakt. Zo’n hormoonbom wil je al helemáál niet in je broekspijp. Zelfs Dobby, ons sulletje, wordt er een beetje onrustig van.

Ik zit met een boekje in de stoel en hoor ineens achter mijn stoel een zielig gepiep. Ik draai me om en kijk wat er gebeurt. Ik zie Deez die op het moment dat ik me omdraai een oorverdovend gejammer laat horen en Dobby die me dommig aankijkt met een blik van ‘Ik deed niets.’ Ze staan dicht bij elkaar, maar verder zie ik niets bijzonders.
Als ik terugkeer naar mijn boek begint het gejammer opnieuw. Ik zie Dobby lopen en Deez bungelt erachteraan.
‘Het lijkt wel of ze aan elkaar vast zitten’ denk ik nog, ‘maar dat kan toch niet?’
De meisjes komen op het gejammer af, gaan door de knieën tot één van de meiden roept:

“Mam, Dobby zit met zijn piemel in Deez vast!”

Vervolgens schiet ze in een nerveuze slappe lach. Ik ook.
Ik heb geen idee wat ik moet doen en voel met Deez mee. Auw! Je zal het maar hebben.
Ik roep Marcel en even later zitten we met zijn zessen met onze neuzen boven de honden, waarvan er één nog steeds hard jammert en één nog steeds met zijn blik probeert vol te houden dat hij écht niets deed.
Zijn geslachtsdeel, dat blijkbaar nog optimaal functioneert, vertelt ons iets heel anders. Dat zit namelijk nog steeds muurvast in het veel kleinere hondje dat aan hem blijft bungelen.
“Pak even een zaklamp” zegt Marcel, “ik kan het niet zien.”
Ik krijg volkomen de slappe lach en besluit vriendin Esther te bellen. Zij weet vast raad.

Nog met de slappe lach probeer ik haar uit te leggen wat er hier aan de hand is. Ze reageert volkomen rustig:
“Het duurt hooguit een half uur, je zou er een bak koud water overheen kunnen gooien, maar verder kun je niet veel doen.” Het blijkt iets te zijn wat ‘erbij hoort.’
Ben ik blij dat ik geen hond ben zeg!!
Ze zegt nog dat Deez blij moet zijn dat Dobby geholpen is, anders zou ze straks veel te grote puppy’s krijgen die er dan ook weer uit moeten.
“Echt weer wat voor jullie” lacht ze. Voordat ik ophang zie ik Deez voorbij rennen. Alleen.
Ze loopt wat ongelukkig en verdwijnt onder een kast.
Dobby ligt in de woonkamer met nog steeds diezelfde blik.

“Dat was niet zo netjes van Dobby ” zegt Lucia serieus.
Sanna rent naar boven en ik hoor haar gierend van de lach met haar vriendinnen bellen.
Merte vertelt dat ze deze week weer seksuele voorlichting heeft en dit dan zéker gaat vertellen in de klas.
Jenneke kijkt kritisch naar Dobby en zegt dat ze hem nu toch wel met andere ogen bekijkt.
Nou, ik ook!

Dobby kijkt me aan met die blik, zucht eens diep en gaat op mijn voeten zitten.
Ik trap er niet meer in!

Deez

Eén reactie

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s