Overleven in het wild.

Daar zitten ze met zijn tweeën, achter in onze auto. Sanna en buurmeisje Iris.
De auto is bezaaid met kussens, knuffels, dekens en ze kijken een film op de tablet.
“Wat doen jullie dáár nou?”
“We proberen te overleven in het wild.”

Als ik ze de auto uitjaag en uitleg dat ‘ in het wild ‘ toch echt iets anders is dan in een auto gaan ze op zoek naar een nieuwe plek om te kijken of ze het redden: overleven in het wild. Het wordt de voortuin.
“Want daar hebben we tenminste WI-Fi.”
Er wordt een tent gefabriceerd van dekens en jassen. De nerfs liggen naast de tent om eventuele roofdieren af te schrikken en poes houdt de wacht.
Ze trekken hun onesies aan, maken nog tig rumoerige rondjes op skateboards door de straat en duiken de tent in. Buurvrouw en ik hebben afgesproken dat we het gewoon aanzien.
Door het raam kan ik ze horen: ze hebben lol, kijken een film en eten chips.
Afzien hoor, dat overleven in het wild. Onderschat het vooral niet.

De chips is op. De zon gaat bijna onder.
“Gaat het goed daar meiden?” vraag ik.
“Nee. We hebben het koud en ik hoorde wat geks, mogen we misschien binnen slapen?”

Ze liggen nu in warm bed. Trots op zichzelf en elkaar.
“Het is bijna gelukt. Écht overleven in het wild doen we wel als het zomer is in een echte tent!”

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s